logo regionale samenwerking Amsterdam-Amstelland & Zaanstreek-Waterland

Jeugdhulp regionale samenwerking
Amsterdam-Amstelland &
Zaanstreek-Waterland

Wat is een toewijzing?

Een toewijzing is een toekenning van hulp (op individueel niveau) door de gemeente aan de jeugdhulporganisatie. Hiermee bevestigt de gemeente aan de jeugdhulporganisatie dat er hulp aan de jeugdige mag worden geleverd. Dit betekent ook dat de gemeente de declaratie hiervoor zal betalen. Let op: gecontracteerde jeugdhulporganisaties hebben altijd een geldige toewijzing (iJW301) nodig voordat de jeugdhulp rechtmatig is (en dus betaald kan worden).

Wat is een beschikking?

De beschikking is een formele brief voor het gezin waarin diens aanspraak op hulp geformuleerd staat. Met de beschikking kan de gecontracteerde jeugdhulporganisatie de hulp starten en achteraf declareren bij de gemeente. De beschikkingen worden afgegeven door de gemandateerde professional van de gemeente (lokale team).

Wat is het verschil tussen een toewijzing en verwijzing?

Een toewijzing is niet hetzelfde als een verwijzing. Een verwijzing (van bijvoorbeeld een arts) geeft de jeugdige het recht om jeugdhulp te ontvangen. De toewijzing is de administratieve vastlegging  om jeugdhulp te mogen verlenen aan een specifieke jeugdige, afgegeven door de gemeente aan een specifieke jeugdhulporganisatie.

Zijn er gevallen bekend waarbij er géén toewijzing nodig is?

Nee, in alle gevallen van specialistische jeugdhulp is een toewijzing nodig. Alle gecontracteerde jeugdhulporganisaties hebben een toewijzing (iJW301) nodig om jeugdhulp te declareren aan de gemeente. Alleen in het geval van crisis (profiel 11) mag een gecontracteerde jeugdhulporganisatie starten met het geven van jeugdhulp zonder toewijzing. De administratie volgt daarna.

Wat is de procedure als een jeugdige / gezin op eigen initiatief bij een gecontracteerde jeugdhulporganisatie komt?

Indien een jeugdige/gezin op eigen initiatief naar de jeugdhulporganisatie toegekomen is, heeft deze op dat moment geen geldige verwijzing. De jeugdhulporganisatie dient de jeugdige/gezin door te verwijzen naar een geldige verwijzer, zoals het lokale team of (huis)arts.

In het geval van crisis kan de jeugdhulp altijd direct gestart worden. De jeugdhulporganisatie maakt zo snel mogelijk melding hiervan bij de gemeente middels het bericht ‘verzoek om toewijzing’ (iJW315).

Wat houdt de garantietermijn in?

De garantietermijn verwijst naar de vier maanden die volgen nadat de gecontracteerde jeugdhulporganisatie de jeugdhulp heeft afgerond.  Wanneer een jeugdige binnen deze garantietermijn alsnog jeugdhulp nodig heeft, valt dit onder de oorspronkelijke hulpvraag. Daarom vervolgt de gecontracteerde jeugdhulporganisatie de jeugdhulp totdat het gewenste resultaat alsnog is bereikt.

Loopt het recht op jeugdhulp op enig moment af?

Ja, in sommige gevallen loopt het recht op jeugdhulp af. Hierbij maken we verschil tussen de intensiteiten duurzaam en niet-duurzaam.

  • Niet duurzaam: Bij de intensiteiten ‘perspectief’ en ‘intensief’ zit er geen einddatum aan het recht op jeugdhulp. Dit omdat professionals de ruimte hebben om te doen wat nodig is om het gewenste resultaat van de jeugdige te behalen. De gecontracteerde jeugdhulporganisatie heeft wel een financiële prikkel om zo effectief mogelijk een doel te halen; de overige 30% van de financiering kan de gecontracteerde jeugdhulporganisatie na afronding van de jeugdhulp declareren bij de lokale gemeente.
  • Duurzame intensiteiten: Voor de intensiteiten duurzaam licht en duurzaam zwaar is het voor gemeenten wel mogelijk om een einddatum in de beschikking op te nemen. Dit gebeurt op basis van de verordening. Het recht op jeugdhulp vervalt als de jeugdige drie maanden na het afgeven van het recht nog niet is begonnen met jeugdhulp na toewijzing via het lokale team, of als hij of zij 18 jaar wordt (of 23 jaar, bij verlengde jeugdwet).

Kan een herindicatie plaatsvinden op basis van de oude verordening? En hoe gaat dat met de nieuwe verordening in zijn werk?

De oude verordening is van kracht tot het moment dat de nieuwe ingaat. De voorwaarden van de oude verordening zijn en blijven echter altijd van kracht wanneer het gaat om de ‘oude’ verwijzingen. Alle nieuw afgegeven verwijzingen vanaf 1 januari 2018 gelden volgens de nieuwe dan vastgestelde lokale verordening, die in lijn is met de nieuwe contractafspraken.

 

Kan een gemeente het oneens zijn met een verwijzing?

Als een geldige verwijzer ((huis)arts, lokaal team, gecertificeerde instelling) een jeugdige verwijst naar specialistische jeugdhulp, moet de gemeente de verwijzing accepteren en overnemen, mits de verwijzing aan alle voorwaarden voldoet (denk bijvoorbeeld aan de verplichting in segment C om een perspectiefplan te hebben). In het geval van een (nog) ongeldige verwijzing, wordt er naar het lokale team verwezen om dit op te pakken.

Kan de gemeente een toewijzing wijzigen of intrekken?

De gemeente kan een toewijzing wijzigen in haar jeugdsysteem. Dit genereert een nieuwe toewijzing met de nieuwe informatie. Deze toewijzing is een iJW301-bericht en wordt net als een nieuwe toewijzing verspreid via GGK ∕ VEilige COmmunicatie in de ZOrg  (VECOZO). De oude toewijzing wordt ingetrokken met dit wijzigingsbericht waarin een nieuwe einddatum en een reden wordt.

Wanneer een jeugdige/gezin zich bij een gecontracteerde jeugdhulporganisatie meldt met een verwijzing van een arts of rechter, is dan een toewijzing nodig?

Ja, er is altijd een toewijzing nodig. Een verwijzing van een arts, gecertificeerde instelling (GI) of kinderrechter is een geldige verwijzing en geeft een jeugdige/gezin de mogelijkheid of recht om jeugdhulp te ontvangen. Wanneer het gaat om een hulpvraag in segment C is een perspectiefplan vereist. Er zijn uitzonderingen, zoals de opt-out regeling (informatie verkrijgbaar op de documenten & toolkit pagina)

Wat moet de gecontracteerde jeugdhulporganisatie doen wanneer een jeugdige zich meldt met een geldige verwijzing?

Bij een verwijzing van een arts, GI of kinderrechter dient de jeugdhulporganisatie zo snel mogelijk de gemeente op de hoogte te brengen dat de jeugdige naar de jeugdhulporganisatie is verwezen. Hiervoor wordt het bericht ‘verzoek om toewijzing’ (JW315) gebruikt. Deze kan de jeugdhulporganisatie versturen via het berichtenverkeer. Wanneer de gemeente de gevraagde toewijzing accepteert (middels JW301), kan de jeugdhulporganisatie in  segment B direct starten met de specialistische jeugdhulp. Bij segment C dient er altijd eerst een perspectiefplan opgesteld te worden door het lokale team vóórdat de hulp start.

Wat moet een gecontracteerde jeugdhulporganisatie doen wanneer een jeugdige/gezin een verwijzing heeft van het Lokale Team zonder specificatie van de jeugdhulporganisatie?

Bij Segment B ontvangt een jeugdige/gezin soms van het Lokale Team een verwijzing, zonder dat aangegeven is welke jeugdhulporganisatie de jeugdhulp gaat leveren (zie hoofdstuk 3.1.3 van het administratieprotocol). In dat geval dient de jeugdhulporganisatie aan de gemeente door te geven dat een jeugdige/gezin bij de organisatie jeugdhulp krijgt.  Hiervoor gebruikt de aanbieder het bericht ‘verzoek om toewijzing’ (JW315). Deze kan de aanbieder versturen via VECOZO. Na ontvangst van de JW315 stuurt de gemeente binnen 5 werkdagen de gevraagde toewijzing (JW301).

Wat gebeurt er nadat de gecontracteerde jeugdhulporganisatie een verzoek om toewijzing heeft gestuurd?

Na ontvangst van het verzoek om toewijzing (JW315) toetst de lokale gemeente op het woonplaatsbeginsel, het recht op zorg en als nodig op het wel of niet aanwezig zijn van het perspectiefplan. Ook wordt gekeken naar mogelijke stapeling van zorg. Na ontvangst van het JW315-bericht, stuurt de gemeente binnen 5 werkdagen de gevraagde toewijzing (JW301).

Hoe handelt de backoffice van de gemeente in het geval een gecontracteerde jeugdhulporganisatie een verzoek om toewijzing doet voor een jeugdige die al ergens anders in behandeling is?

Indien de gemeente een verzoek om toewijzing (JW315) ontvangt voor een jeugdige die al bij een andere jeugdhulporganisatie in behandeling is, wijst de gemeente het verzoek om toewijzing af. In het kader van integrale jeugdhulp is het namelijk niet toegestaan om meerdere SPIC’s voor één cliënt te stapelen. De backoffice van de gemeente neemt contact op met de indienende jeugdhulporganisatie om de reden van afwijzing door te geven. De indienende jeugdhulporganisatie neemt vervolgens contact op met de jeugdhulporganisatie waar de jeugdige al in behandeling. Samen kunnen zij dan een passende oplossing vinden, zoals bijvoorbeeld onderaannemerschap.