logo regionale samenwerking Amsterdam-Amstelland & Zaanstreek-Waterland

Jeugdhulp regionale samenwerking
Amsterdam-Amstelland &
Zaanstreek-Waterland

Hoe kan bij de SPIC’s worden getoetst of de prestatielevering is voldaan? Ook in het licht dat in 2018 registratie van p x q niet verplicht was.

De regio’s Amsterdam-Amstelland en Zaanstreek-Waterland hanteren het landelijk controleprotocol waarbij we kijken naar de productie van SPIC’s.

De productie is geleverd indien er zorg is ingezet op een aangevangen SPIC (er heeft inzet van zorg plaatsgevonden op een SPIC die via het berichtenverkeer (JW305) is gestart).

Hierbij maakt de omvang van de productie vervolgens niet uit, maar het gaat erom dat de cliënten die zijn gestart volgens het berichtenverkeer ook daadwerkelijk zorg hebben ontvangen.

Ik ben een C aanbieder. Het is mij niet helemaal duidelijk hoe en wanneer er op “werkelijke kosten” wordt afgerekend.

De “werkelijke kosten” zijn in een eerder stadium vastgesteld. Uiterlijk 1 april levert de zorgaanbieder de getekende productieverklaring aan. Het verschil tussen het vastgestelde bedrag van de “werkelijke kosten” en de getekende productieverklaring wordt verrekend.

Dit komt in het addendum/vaststellingsovereenkomst te staan.

Ik ben een C aanbieder. Waarom moet ik de productieverklaring invullen op SPIC’s? We rekenen toch af op “werkelijke kosten”?

Een belangrijke toegevoegde waarde van het controleprotocol  zit op het onderdeel prestatieverklaring.

De gemeenten hebben besloten om de productieverklaring te baseren op SPIC’s. Dit is in de lijn van het originele contract. Het contract dat in elk geval doorloopt in 2019, waarbij we ook in 2019 het controleprotocol op deze wijze willen uitvoeren.

Daarnaast gebruiken we de productieverklaring op basis van de SPIC’s in 2018 ook om een vastgesteld bedrag aan SPIC’s te hebben. Dit getekende bedrag van de productieverklaring gebruiken we bij de verrekening op “werkelijke kosten”;

Bedrag productieverklaring 2018 – werkelijke kosten= verschil dat wordt verrekend met de aanbieder.

De reden om bij de verrekening niet te kijken naar de facturatie is omdat we een stilstaand bedrag per gemeente willen hebben. Facturatie kan nog jaren doorlopen. Zo kregen de gemeenten eind 2018 nog facturen over 2015, 2016 en 2017.